En omdat u zijn kinderen bent, heeft God ons de Geest van zijn Zoon gegeven, die ‘Abba, Vader’ roept. U bent nu geen slaven meer, u bent kinderen van God en als zijn kinderen bent u erfgenamen, door de wil van God. — Galaten 4:6-7
In Galaten 4:6-7 legt Paulus uit dat we dankzij onze geloofsrelatie met God, niet zomaar mensen zijn, maar ook kind van God worden genoemd. En omdat we zijn kinderen zijn, heeft God ons de Geest van zijn Zoon gegeven. Deze Geest roept in ons ‘Abba, Vader’ en daarmee kunnen we een intieme en persoonlijke relatie met God ervaren.
Denk er eens over na hoe bijzonder het is dat God ons niet alleen ziet als beschermelingen, maar als familie. Dit betekent dat we niet meer slaven van wetten of verplichtingen zijn, maar dat we leven met een liefdevolle Vader, iemand die er altijd voor ons is en om ons geeft, ongeacht onze falen of zwakheden.
In een wereld waar zoveel drukte en verwachtingen zijn, biedt deze passage een moment van rust en zekerheid. Het herinnert ons eraan dat we een waardevol doel hebben in dit leven, niet gebaseerd op menselijke maatstaven, maar op het feit dat we door God zijn gekozen en geliefd zijn. De Geest die in ons woont, is als een constante verbinding met iets groters en beters dan we ons kunnen voorstellen.
Laten we vandaag een moment nemen om te reflecteren op die intieme band die we hebben met God en hoe dat onze dagelijkse leven kan beïnvloeden. Hoe zou je leven veranderen als je werkelijk zou geloven dat je deel uitmaakt van een goddelijke familie, met dezelfde liefde en erfenis als die aan Jezus toebedeeld? Het is een mooie gedachte om mee te nemen in ons dagelijks leven.