Geen woord ligt op mijn tong, of u, HEER, kent het ten volle. U omsluit mij, van achter en van voren, u legt uw hand op mij. Wonderlijk zoals u mij kent, het gaat mijn begrip te boven. — Psalmen 139:4-6
In deze verzen uit Psalm 139 zien we een krachtige erkenning van Gods alwetendheid en aanwezigheid in ons leven. De psalmist spreekt over hoe God zelfs de woorden die wij nog niet hebben uitgesproken al kent: “Want er is geen woord op mijn tong, of U, HEER, kent het ten volle.” Dit benadrukt hoe diep en intiem Gods kennis van ons is. Dit kan soms best overweldigend voelen, wetende dat er niets verborgen blijft voor Hem. Maar het is ook troostend om te weten dat we geheel gekend en volledig geliefd worden door onze Schepper.
De psalmist zegt verder dat deze kennis voor hem te wonderlijk is, te hoog om te bevatten. Dit herinnert ons eraan dat er veel aspecten van God zijn die ons verstand te boven gaan. Soms willen we alles begrijpen en controleren, maar deze verzen moedigen ons aan om te rusten in het feit dat God dingen weet en begrijpt die wij niet kunnen bevatten.
In ons dagelijks leven, en vooral in een wereld waar iedereen probeert alles zelf te regelen, nodigen deze verzen ons uit om over te geven aan Gods leiding en wijsheid. Het herinnert ons eraan dat we onze zorgen en frustraties aan Hem kunnen toevertrouwen, omdat Hij ons volledig begrijpt en altijd het beste met ons voorheeft.